Als in 1842 zathe Koudenburg verkocht wordt staat er in de koopakte: “de Schapedrift, ook wel de Oude Weg genoemd”.
Op de volgende uitsnede uit een kaart uit 1727, getekend door de gecommitteerde landmeter Focke Eijles, loopt de weg naar Veenhuizen dan via de Schapedrift; dit is Oude Weg. Van een doorgaande weg via Koudenburg is (nog) geen sprake lijkt het.

Eerste vermelding
Al in de middeleeuwen was er (al) een verbinding zijn geweest tussen Drenthe en Fryslân.
Sicke Benninge doet in zijn “Croniken der Vrescher Landen mijtten Zoeven Seelanden ende der stadt Groningen” daarover een belangrijke mededeling:
§ 35 De nije wech over tspeen (*) naeder Haule
Item (e) int iaer MCCCC ende LXVII is gemaket de nie wech nae der Haule van Norch ende Veenhusen, de denen sal to voeren na Zwolle ende Steenwijck ende Stelling warff; ende de Stellinge Vresen mackenden den wech sunder loen, man de stadt van’ Groningen deden kost ende beer daer tho.
(*: t veen)
Vertaling:
§35 De nieuwe weg over het veen naar Haule.Voorts is in het jaar 1467 de nieuwe weg naar Haule aangelegd, vanaf Norg en Veenhuizen, die verder moest leiden naar Zwolle, Steenwijk en de Stellingwerf. De Stellingwerver boeren legden de weg aan zonder loon, maar de stad Groningen zorgde voor eten en bier.
Het belang van Groningen en de Groningse en Dtrentse adel
Ik vermoed dat hier sprake is van een verbetering van een reeds bestaande route. Volgens Anne Post is de route Groningen–Kuinre via Eyen (Een) al ten minste sinds circa 1180 in gebruik. In deze periode trouwt Hendrik van Kuinre, ook wel Hendrik de Crane genoemd, met een dochter van Godschalk van Seppenrade. Zij is een kleindochter van Leffert van Wierum, prefect van Groningen. Leffert is op zijn beurt een broer van Hartbert van Wierum, die tot zijn overlijden in 1150 bisschop van Utrecht is. Na zijn huwelijk wordt Hendrik de Crane aangeduid als Hendrik van Norch. Zijn vrouw verkrijgt door vererving het leengoed Eyen, waarna Hendrik de functie van schulte van Norch bekleedt. Hendrik fungeert als een belangrijke steunpilaar voor de bisschoppen van Utrecht. Mogelijk speelt het riviertje de Kuinder ofTjonger in deze periode ook rol als verbindingsroute. Via de Tjonger kan Hendrik het leengoed Eyen relatief comfortabel bereiken. Een van de bovenlopen van de Kuinder bij Veenhuizen heet het Cranegat. Anne Post vraagt zich af het zogenoemde Cranegat zijn naam dankt aan Hendrik de Crane, of dat het juist andersom is.
Mocht van een waterverbinding sprake zijn geweest dan zou de bovenloop van de Tjonger, de Boven Tjonger, daar mogelijk voor geschikt gemaakt kunnen zijn en wellicht daarom in onderstaand citaat aangeduid zijn als de Nijer Ae. Het betreft de “Kwartierstaat van Hendrikje Knaase” zoals weergegeven op de site Dorpshistorie van Anne Post.
36 Roelof van Steenwijck, geboren in 1331 in Steenwijk. Roelof is overleden op 06-12-1387, 55 of 56 jaar oud. Notitie bij Roelof: Ook genoemd als van den Goer of Ghoer of Gore of de Vos van Steenwijck
Andere bronnen:
Hij is geboren rond 1331 in Steenwijk, Overijssel, Nederland. Hij is overleden op 6 december 1387, hij was toen 56 jaar oud.
Heeft zich gevestigd op familiebezit (bij Coevorden, vermoedelijk Bensingegoed te Dalen). Opsomming van goederen die hij in leen had, vindt men in het “Registrum feodalium honorum ecclesie Trajectensis”: “item Rolof van Steenwijc hout Bensinge goet te Dalen. Item dat vierdel van den tienden to Dalen. Item die twe olden hove to Norch, ende dat huys to Schultinghe mit al sinen toebehoren, alsie geleghen sijn in den kerspel to Norch. Item dat Eden in den kerspel to Norch, dat huys to Zibertinghe, dat huys to Hagheninghe, dat huys to Willemynge, ende dat huys to Weretinghe mit horen toebehoren. Item den berch (burcht) to Norch ende die watermole mit horen toebehoren. Item die boterpacht to Fenehusen. Item dat goet gheleghen is in der noerderziit der Nijer Ae mit sinen toebehoren. Item dat goet, dat Evert van Wilre te holden plach van heren Heynen van Norch. Item dat huys to Hesselinghe op Steenwikerwolt. Item die twe hove van Anlo; ende daertoe dat broec, dat gheleghen is tusschen Eden ende Westerlande, dat gheheten is Edermark, myt al horen toebehoren”. De Norchse goederen zal hij verkregen hebben door zijn huwelijk met Lamme van Norch, de enige overgebleven erfgename van deze goederen.
(O.B.G.D. nr. 699)
Nijer Ae Een gewaagde opmerking
De ligging van de Nijer Ae en het leengoed komt op geen enkele kaart voor. Anne Post acht evenwel de bovenloop van de Slokkert als meest aannemelijke. Deze lijkt al vanouds te zijn rechtgetrokken en zuidelijk van Westervelde, langs Een in oostelijke richting stroomt. Ik opper dat de Nijer Ae de Kuinder kan zijn omdat het leengoed in de opvolgende trits Norch – Eden – Norch – Veenhuizen als laatste wordt genoemd. En mocht mijn suggestie juist zijn dan is het leengoed ten noorden van de Nijer Ae het gebied Koudenburg.
Naast een waterverbinding is een route over land van groot belang voor Hendrik van Kuinre om zijn gezag te kunnen handhaven in Kuinre, maar later ook Urk en Emelweerd (Emmeloord) en dus Norch (Norg). Tot circa 1330 weten de Van Norch’en hun positie als helpers van de bisschop te behouden, maar daarna verdwijnt de macht van de bisschop in Drenthe. Nazaten van Norch worden heren van Ruinen, terwijl dochters uithuwelijken aan leden van het geslacht Van Steenwijck. In een latere fase worden de Van Ewsums eigenaar van het gebied en bouwen zij Nienoord bij Leek. Bekend is de ruzie in het midden van de achttiende eeuw tussen de erfgenamen Van Norch en de Van Ewsums over de venen, het zogenoemde Questieuze Veld.
Het rechte trace
Op diverse kaarten staat de Oude Weg in de richting van Veenhuizen weergegeven als een recht tracé. Voor een aangelegde weg is dit goed verklaarbaar. Op hoogtekaarten is echter te zien dat het pad wel kleine zandopduikingen volgt. Ook de weg door Haule loopt vrijwel kaarsrecht, terwijl de bebouwing aan weerszijden op afzonderlijke “eilandjes” naast de weg ligt. Deze doorgaande weg door het dorp is vermoedelijk in dezelfde periode, rond 1467, verbeterd en rechtgetrokken.
Diverse routes van uit Groningen naar het westen en zuiden
Van ouds liepen er verschillende routes van uit het zuiden en westen naar Groningen. Ik wil enkele noemen zoals deze zijn opgenomen in het boek van Frits H. Horsten “Doorgaande wegen in Nederland, 16e tot 19e eeuw”; routes die rond 1600 via het Friese grondgebied liepen. Ik heb enkele opmerkingen bij de routes opgenomen:
a. Stavoren – Groningen
– Stavoren – Sloten – St. Nicolaasga – Joure (of Oldeouer) – Oudehaske – Gorredijk – Marum – Groningen.
De weg van Nijehaske (bij Heerenveen) en de Knipe naar Gorredijk bestond mogelijk nog niet in 1600.
– Stavoren – Sloten – St. Nicolaasga – Joure (of Oldeouer) – Oudeschoot – Jubbega – Haule – Norg – Groningen.
b. Lemmer/Kuinre – Groningen
– Lemmer – Delfstrahuizen – Oudehaske – Gorredijk – Marum – Groningen.
– Lemmer – Delfstrahuizen – Oudeschoot – Jubbega – Haule – Norg – Groningen.
Het eerste deel Lemmer – Delfstrahuizen liep waarschijnlijk via de westelijke dijk langs de Kuinder
c. Kuinre – Oldemarkt – Noorwolde – Donkerboek – Haule – Norg – Groningen.
Deze route liep via de (latere) Bekhofschans en Makkinga. Daarna moest de Kuinder worden overgestoken om de Balkweg te vervolgen.
d. Groningen Steenwijk
– Groningen – Rolde – richting Beilen – Appelscha – Makkinga – Nijeberkoop – Nijeholtpade – Wolvega – Steenwijk
De route Groningen–Steenwijk kan na Haule verschillende tracés hebben gehad. Er bestaat een oude verbinding die vanuit (Drenthe?) Appelscha loopt via Langedijke en Makkinga westwaarts loopt. Deze route volgt deels zogenoemde Buitenwegen en voert over Makkinga, Nijeberkoop en Nijeholtpade naar Wolvega en verder naar het westen. In de zeventiende eeuw ligt langs deze route bij Makkinga een schans.
– Groningen – Norg – Haule – Oosterwolde – Makkinga – Nijeberkoop – Nijeholtpade – Wolvega – Steenwijk.
Het gedeelte Haule–Oosterwolde loopt via de hoogten van Jardinga en Weper. Daarbij moeten zowel de Boven-Tjonger als het Grootdiep worden overgestoken, vermoedelijk via voordes.
– Groningen – Norg – Haule – Donkerbroek – Makkinga – Nijeberkoop – Nijeholtpade – Wolvega – Steenwijk.
Deze route gaat via de Balkweg; deze loopt tussen het huidige Donkerbroek, vervolgens het Donkerbroek uit de vroege middeleeuwen, om na de Tjonger te hebben overgestoken naar Makkinga.
– Groningen – Norg – Haule–Donkerbroek–Hoornsterzwaag–Jubbega (Schurenga)–Oude- en Nieuwehorne–Mildam, om bij Oudeschoot aan te sluiten op de weg vanuit de richting Heerenveen, die via Wolvega verder loopt naar Steenwijk. Deze route volgt grotendeels ook een Buitenwegen, die meer dan Binnenwegen als hoofdverbindingen wordt gebruikt. Onder Jubbega vinden we nog altijd een wegdeel dat de Oude Groningerweg heet; dit vormt daar een onderdeel van de Buitenweg zoals we zo mooi op onderstaande topografische uitsnede zien..

Versie: 2026, 7 januari
