Koudenburg Haule

4.5. Samenvatting omtrent de bodem van en rond Koudenburg.

Een belangrijke bepalende factor voor de bodem op Koudenburg is de aanwezigheid van keileem. Deze keileem bevindt op verschillende diepte; ten noorden de weg Koumansburg 70 tot 100 cm minus maaiveld en ten zuiden van de weg 60 tot 90 cm minus maaiveld. Op het hoger gelegen gebied van Koudenbug is overwegend sprake van een grondwaterpeil variërend van 40 – 120 cm. Door de stagnerende werking van het keileem kunnen deze gronden in natte perioden hoge grondwaterstanden hebben, waardoor deze gronden periodiek te nat zijn wat de bewerking van het land kan bemoeilijken. In droge perioden kunnen watertekorten optreden, mee doordat de weinig humeuze bovengrond weinig water vast kan houden en leveren.

Het keileem is op de rug nagenoeg helemaal bedekt met zand. Het is overwegend (zwak) lemig fijn zand met een dikte variërend dus van 60 tot 120 cm. Op enkele plaatsen zijn pingoruïnes te herkennen omdat daar nog een veenlaag aanwezig is van ca. een meter dik.

Nagenoeg het hele hoger gelegen gebied heeft een humeuze bovengrond van maximaal 30 cm. De bodem wordt aangeduid met Hn. Dit zijn Veldpodzolgronden; een arme, zure zandbodem die zich ontwikkeld heeft onder heidevegetatie gekenmerkt door langdurige uitspoeling van humus en ijzer.

In het dal van de Kuinder, ten zuiden en ten oosten van Koudenburg, is een restant veen blijven zitten van 1,5 tot 2 meter. Het is een nat gebied met waterstanden die het hele jaar hoger zijn dan 50 – 80 cm minus maaiveld.

Een detail van een potzolbodem. (bron: Sitemap Geologie van Nederland)

Uit gesprekken met een voormalige boer uit gebied leid ik af dat door de ruilverkaveling het waterbeheer voor wat betreft de vernatting beheersbaar is geworden. Maar nog steeds is het hogere gedeelte droogtegevoelig.
We zagen dat de hoger gronden een dun humusdek kennen. Maar de zuurgraad en de bodemvruchtbaarheid zijn met meststoffen tegenwoordig beheersbaar.


Versie: 2025, 27 december

← Vorige: 4.4. De waterhuishouding op en rond KoudenburgVolgende: 5. De agrarische ontwikkeling van Haule en Koudenburg →